donderdag 10 augustus 2017

C: Wat is homesteading?

Vanuit Engelstalige sites bots ik al een aantal jaar tegen het woord -homesteading- aan, als een alomvattend verzamelwoord voor een bepaalde autonome levensstijl. Wat dat woord precies omvat is niet zo kort te vertalen omdat we er zelf in het Nederlands niet echt een gebruikte term voor hebben. Maar zonder dat we het wellicht weten dóen we het wel, of althans, steeds meer. Ik in ieder geval wel, en jij wellicht óók. Wat homesteading dan precies inhoudt zal ik in dit blog proberen uit de doeken te doen. Te beginnen bij de letterlijke betekenis voor de context en daarna de figuurlijke betekenis voor de verklaring.

Letterlijke betekenis:

Homesteading is de werkwoordsvorm van het zelfstandig naamwoord -homestead-. En dat omvat de volgende vertalingen volgens meerdere vertaalsites op internet:
-Boerderij, (boeren)hoeve, boerenhofstede

Grappig genoeg vond ik op deze site een verwijzing dat boerderij of boerenhofstede in het Nederlands ook wel heemstede wordt genoemd. Homestead/heemstede... hmmm, dat is ongetwijfeld de beste letterlijke vertaling, al zegt het werkwoord -heemsteden- ons natuurlijk ook niet zoveel.*

Je zou nu kunnen concluderen dat het Engelse -homesteading- als werkwoordsvorm logischerwijs betekent dat je een boerderij of boerenbedrijf runt, en dat klopt ook. Vanuit de historie gezien werd het oorspronkelijk gebruikt voor de eerste boeren die zich settelden in het nieuwe Amerika.
Gaandeweg gold het ook voor platteland-families die vanwege gebrek aan beschikbare lokale winkels en producten zich toelegden op het zoveel mogelijk zelfvoorzienend zijn door op kleine schaal en voor eigen gebruik voedsel te verbouwen en verwerken, evenals allerlei andere huishoudelijke producten of werkzaamheden. (Denk maar aan televisieseries zoals 'Kleine huis op de prairie" of "Anne van het groene huis", dan heb je een beetje een beeld.)
Homesteading is dus van oudsher een term voor zelfvoorzienend en/of commercieel, op grotere of kleinere schaal, een boeren levensstijl hanteren om in je levensonderhoud te kunnen voorzien.

Figuurlijke betekenis:

Op die manier in je levensonderhoud voorzien is heden ten dage niet echt meer aan de orde, mits je niet gewoon nog boer bent natuurlijk. Inmiddels leven we namelijk in gouden tijden. Letterlijk álles is met gemak te koop. Op elke hoek een winkel die zowat elke dag van de week open is. En als iets hier niet te krijgen is bestellen we het met één klik op de computer aan de andere kant van de wereld en wordt het tot aan je voordeur thuisbezorgd. Er is weinig noodzaak om zelf voedsel te verbouwen, of iets te maken. Computers en machines kunnen het beter, sneller en goedkoper. Zo luxe als wij nu leven heeft geen enkele generatie het vóór ons ooit gehad.

Maar....

Onze levensstijl heeft inmiddels ook een keerzijde gekregen. Ons voedsel is steeds meer gemanipuleerd en bewerkt, het milieu bezwijkt onder onze overproductie van spullen, vervuiling, verspilling, afval. De automatisering en globalisering zouden ervoor moeten zorgen dat ons steeds meer het werk uit handen wordt genomen maar toch lijken we alsmaar drukker en meer gestrest dan ooit. Burn-outs, welvaartsziektes. Ik kan nog wel even doorgaan. Niet zo gek toch, dat er steeds meer mensen zijn die bewuster en verantwoordelijker in het leven willen staan? Die er voor kiezen om welwillend een stapje terug te doen en het heft weer meer in eigen hand willen nemen?

Nou, voor deze groep mensen is de term homesteading opnieuw van toepassing. Het heeft alleen niet meer de oorspronkelijke betekenis van het runnen van een boerenbedrijf, maar een mate van zelfvoorzienend zijn is er zeker wel in doortrokken. Niet vanuit schaarste maar vanuit autonomie en bewustwording. Simpeler, eerlijker, schoner en met meer aandacht en voldoening.

In deze figuurlijke betekenis hoeft het dus niet per se zo te zijn dat je op het platteland woont met een eigen lapje grond en een koe, hoe nostalgisch en idyllisch dat ook kan klinken. Ook op een klein kamertje in de stad kun je veel facetten van dit nieuwe homesteaden toepassen. Het heeft te maken met de intentie erachter, en het kan dus op allerlei niveaus plaatsvinden. Het is dus niet zo dat de extreme gevallen de norm bepalen.

Een paar voorbeelden:
-Stel, je hebt steeds meer een vervelend gevoel gekregen bij de enorme voedsel-multinationals. Alles lijkt wel té vet, té zoet, té geconserveerd...eigenlijk kortweg gewoon té bewerkt wat in de supermarkten ligt. Je wil bewuster met je eten omgaan, geen magnetronmaaltijden meer, geen snelle snacks of fast food. Je wil weer meer zelf gaan koken, met onbewerkte ingrediënten in je eigen keuken. Dat op zich is al een vorm van homesteading. Dat je zelf de tijd en de moeite neemt om in een pan te gaan roeren.
Wie weet ga je zelfs verder en besluit je om zoveel mogelijk groente en fruit biologisch te gaan kopen, of zoveel mogelijk seizoensgebonden, of zoveel mogelijk lokaal. Wie weet zaai je wat verse kruiden op je balkon of sterker nog, huur je een volkstuintje om zelf je eten voor een groot deel te gaan verbouwen. Als je al een eigen tuintje hebt gaan misschien de tegels er wel uit en komt er daar een moestuintje in. Of schaf je een paar kippetjes aan. Voor je het weet begin je je eigen oogst in te maken. Wecken, dehydreren, invriezen. De voorraadkast steeds voller. Wie weet hoef je straks alleen nog maar naar de supermarkt voor het wc-papier? Het is net hoeveel je kunt en wilt toepassen.

-Of, je wil wat milieubewuster worden. Je neemt wat vaker de fiets i.p.v. de auto, dat moet te doen zijn. De was gaat buiten aan de lijn bijvoorbeeld of je schakelt over op groene schoonmaakmiddelen, al dan niet zelf gemaakt. Dat is allemaal niet zo moeilijk en valt al helemaal onder homesteading. Afval scheiden is zo gedaan, maar je kunt ook proberen zo weinig mogelijk afval te produceren, minder plastic verpakkingen bijvoorbeeld. Wellicht kijk je wat kritischer naar je energieverbruik in huis. Kan die thermostaat eigenlijk wel eerder wat lager 's avonds. Of er wordt beter geïsoleerd. Je schakelt over op groene stroom of er komen zonnepanelen op het dak. Afhankelijk van hoe ver je wil gaan ga je misschien wel helemaal van het gas af. Ga je kleiner wonen, in een klimaatneutraal huis. Of helemaal off grid.
Of je eet gewoon één keer per week minder vlees. Dat scheelt ook al enorm. Ook hier, het ligt er maar net aan wat voor jou past en waar je hart ligt, maar veel van dit soort grote of kleine aanpassingen in je eigen huishouden zijn voorbeelden van homesteading. Minder afhankelijk zijn.

-Of er is een economische reden. Wil je goedkoper leven. Niet eens omdat het per se móet, maar omdat het kan. Oók kan. Minder spullen, minder aankopen. Hoeveel heb je nou werkelijk nodig? Als je minder uitgeeft kun je misschien ook wel minder gaan werken? Meer vrije tijd, meer genieten. Meer thuis zijn met vrienden en familie. Of misschien besluit je wel meer zelf weer te maken i.p.v. alles te kopen; Eigen kleding, eigen meubels, eigen gerechten, eigen reparaties. Of je gaat diensten of producten ruilen met buurtbewoners in plaats van alles zelf aan te schaffen, een stuk voordeliger. Je verkleint je economische voetafdruk misschien maar met kleine stapjes maar het is helemaal in de trant van het homesteaden.

Het is overigens niet zo dat je geacht wordt weer terug te gaan naar een vooroorlogse levensstijl, al is het wel zo dat we veel tips, trucs en vaardigheden kunnen gebruiken van onze oma's van weleer. Alle moderne gemakken van nu hoeven hiervoor niet afgeschreven te worden. Maar je kunt wel eens kritisch kijken naar wat je werkelijk nodig hebt, of hoevéél daarvan.  Je smartphone bijvoorbeeld, een klein zakcomputertje. Ideaal ding en superhandig. Alleen al omdat je via internet ontzettend veel kunt leren en delen. Je kunt in contact komen met allerlei gelijkgezinden over de hele wereld, geïnspireerd raken. Hoewel je natuurlijk óók kunt stilstaan hoeveel je feitelijk wil toelaten als je beseft hoeveel tijd we soms online zitten. Wellicht is het fijner als de telefoon wat vaker even uit staat. De wereld zal er echt niet van vergaan.

*Nog een laatste suggestie over de term zelf. Aangezien het woord homesteading hier nog niet algemeen ingeburgerd en bekend is, is het misschien een idee om juíst hiervoor het ouderwetse Nederlandse woord heemstede te verbasteren in -heemsteden-. Aangezien het allemaal toch staat voor versimpeling, autonomie en authenticiteit.
Nu is Heemstede uiteraard ook een gemeente in Noord-Holland en Utrecht, dat kan verwarrend zijn. Maar ook Amerika kent een paar plekken die Homestead heten dus als zij het kunnen dan kan het hier ook, toch?
Voor mij persoonlijk voelt dat extra goed aangezien mijn oma (in mijn herinnering de meest aangewezen personificatie van deze levensstijl, al woonde ze 2 hoog in Amsterdam) toevallig in de Heemstedestraat woonde. Hoe toevallig is dat? Dus bij deze.. ik ben een trotse heemsteder want ik doe op mijn manier aan heemsteden.
Jullie ook?

woensdag 9 augustus 2017

C: Groene Poets, de middelen


De Grote Groene Zomer Poets is hier nog steeds aan de gang. Niet continu hoor, hou op, er is gelukkig ook tijd om op vakantie te gaan en de boel thuis even helemaal te vergeten. Maar de uitvoering wordt bij thuiskomst wel weer gewoon opgepakt. Kleine en grotere klussen wisselen elkaar in meer of mindere mate af, met ook ruimte voor een hele hoop vrije tijd. Het bevalt me wel, deze Zomer poets. Vooral nu ik al een groot deel gedaan heb.

Tijd om eens wat zinnigs te schrijven over de Groene Poetsmiddelen die ik gebruik, want je hoeft maar een willekeurige supermarkt binnen te lopen richting de rij met schoonmaakmiddelen en je ziet een heel scala aan producten in de meest geurige kleurige samenstellingen je opdringerig tegemoet stralen. Voor elk afzonderlijk klusje is er wel een eigen middeltje met de meest veelbelovende slogans. Je kunt niet zeggen dat ze daar niet hun best doen om je te verleiden zelf eens flink aan de poets te gaan, maar dan wel met hùn onmisbare producten natuurlijk.

Toch kun je, staande in zo'n rij, beter eens naar de producten kijken die helemaal op het onderste schap staan, het minst in het zicht. Daar vind je meestal de simpelste en goedkoopste schoonmaakmiddelen. En daartussen ook de groenste. (Óf je gaat naar een natuurvoedingswinkel of eko-supermarkt uiteraard.)

Waarom groen?

Waaróm je nou beter die groenere producten kunt gebruiken heeft meerdere redenen. Ze zitten meestal niet in de meest aantrekkelijke flessen, nee. En ze beloven ook geen geurende bloemenweides of tropical nights, maar dat neemt niet weg dat ze gewoon doen wat ze behoren te doen: Goed schoonmaken. Trouwens...juist die afwezigheid van extra synthetische geur- en kleurstoffen of een chemische basis maakt het ook nog eens een stuk gezonder voor je. Grofweg kun je dat met je boerenverstand ook wel bedenken toch; Als het beter is voor het milieu is het ook beter voor jou, qua inademen of met je huid in contact laten komen. Bovendien zijn deze groene producten vaak ook een stuk economischer in gebruik, ook mooi meegenomen.

De magische drie.

In alle eenvoud zijn er 3 soorten die 99% van al het schoonmaakwerk voor hun rekening kunnen nemen, namelijk:

azijn
soda
zeep


- Azijn: In dit geval witte azijn en/of schoonmaakazijn want er zijn veel verschillende soorten. Schoonmaakazijn is iets zuurder dan witte azijn en daardoor sterker maar ook geurender. Ga je het verdunnen met water dan heb je van schoonmaakazijn dus minder nodig. Gebruik je het onverdund dan is schoonmaakazijn krachtiger.

Azijn is een 100% natuurproduct, simpel gezegd ontstaat consumptieazijn via een fermentatieproces uit fruitsuikers waardoor m.b.v. gisten en bacteriën uiteindelijk azijnzuur ontstaat. Meer lezen over dat proces of het zelf maken van (consumeerbare) fruitazijn.. klik hier en hier.

Azijn is dus zuur, met een lage Ph-waarde (+/- tussen de 3 en 2). Dat betekent dat het uitermate geschikt is voor het schoonmaken van alkalische viezigheid (met een hoge Ph). Voorbeelden daarvan zijn kalk en zeepresten. Het werkt daarnaast deodoriserend en tot vrij hoge graad ontsmettend. Wat azijn níet kan is vet oplossen. (Denk maar aan een dressing, olie en azijn stoten elkaar af.)
Om de zure geur wat aangenamer te maken kun je er wat etherische citroenolie doorheen doen, maar vaak verdwijnt de zure lucht al zodra het opdroogt.

Veelgebruikte toepassingen voor Azijn:
- Oppervlaktes waar eten wordt bereid of opgeslagen (aanrecht, koelkast, voorraadkast), alsook de veel aangeraakte besmettelijke plekken (deurklinken, lichtknopjes, wc bril, trapleuning) kun je ontsmetten door azijn in een plantenspuit te doen en op de plek te sprayen, of met een in azijn gedrenkt doekje te wrijven. Even in laten trekken en met een schoon doekje afnemen. Azijn maakt niet 100% steriel maar je hoeft dan ook niet in een operatiekamer te leven, toch? Een flinke hap microbes leggen door azijn echt wel het loodje.
-Om tegeltjes mooi glanzend te krijgen spray je ze even in met azijn of een azijnoplossing en neem het daarna met schoon water af.
-In de badkamer of andere plekken waar je flink kalkaanslag van water aangekoekt hebt gekregen helpt het om een sterke azijn te gebruiken en wat langer te laten intrekken. Door bijvoorbeeld een doekje/keukenpapiertje gedrenkt in azijn rond een kraan of putje te leggen en een uurtje te wachten lost het vaak heel makkelijk op. Is de aanslag minder hardnekkig dan hoeft het niet zo lang.
-Als laatste spoelwater in de wasmachine werkt azijn als een wasverzachter, gewoon een scheutje in het compartimentje van de wasverzachter gieten. Je kunt hier eventueel een paar druppeltjes etherische olie bij toevoegen voor een lekkere geur.
-Ook heel handig voor het ontroesten van gereedschap (zie hier)

-Soda: Onder soda vallen eigenlijk 2 verschillende soorten, namelijk washing soda en baking soda. Erg verwarrend, ik weet het. Ik heb er eerder een blog over geschreven dat het verschil heel uitgebreid uitlegt, zie hier.
In het kort: Washing soda is wat wij kennen als gewoon huishoudsoda, in elke supermarkt te vinden, vaak in een rechthoekig plastic zakje op het onderste schap. Baking soda of baksoda staat ook bekend als zuiveringszout en is o.a. een onderdeel van bakpoeder. Je vind het het makkelijkste in de toko of in sommige supermarkten (vaak bij de bakspullen en vaak in kleinere verpakking als een kartonnen doosje of buisje).

Huishoudsoda is een echte vet en geurvreter én het ontsmet en verzacht. Het is in tegenstelling tot azijn juist erg alkalisch (+/- Ph 11). Het heet in het Engels Washing soda omdat er veel toepassingen zijn voor juist wassen en textiel. Maar ook de meer vieze vettigheid pakt het goed aan. Let wel op, soda laat aluminium zwart uitslaan.

Baksoda is iets minder alkalisch en dus wat zachter. Het grootste verschil met huishoudsoda is dat je met baksoda heel makkelijk een wat schurende pasta kunt maken door er een heel klein beetje water of afwasmiddel aan toe te voegen, dat werkt heel goed omdat het net wat lastiger oplost in water dan huishoudsoda en vaak net iets fijner van korrel is.
Verder ontstaat bij baksoda een soort bruisende reactie als je het besproeit met een zuur (azijn).


Veelgebruikte toepassingen:
Huishoudsoda:
-Is iets erg vet, zoals lang niet schoongemaakte onderkanten van hangende keukenkastjes of eigenlijk alles in de buurt van het fornuis dan gebruik ik vaak pure huishoudsoda op een vochtig schuursponsje en maar een klein beetje toegevoegd water, het schoon krijgen gaat dan een stuk sneller. Voor regelmatiger schoonmaken daar is een soda-oplossing in heet water afdoende.
-Eens per maand het gootsteenputje schoonmaken door een flinke schep huishoudsoda gevolgd door een plens kokend water erover te gieten werkt als een tierelier. Hetzelfde bij de wasmachine, een eetlepel of 3 soda in de lege trommel en een kort heet programma eroverheen maakt alles goed schoon.
-Aangekoekte pannen? Een paar scheppen huishoudsoda, heet water en op het vuur een poos laten borrelen. Soms duurt het heel lang maar het komt goed, zoals hier. Doe dit alleen niet bij aluminium pannen.
-Zelf wasmiddel maken? Kijk hier voor m'n recept.
-Oppervlakkige wondjes kun je weken in huishoudsoda, het ontsmet en maakt de huid zacht. (Menig honden- én kippenpoot heeft hier al in een sodabadje gestaan.)

Baksoda:
-Voor alles waar ik normaal gesproken schuurmiddel zou gebruiken, maak je een papje van wat baksoda met een klein beetje water of desnoods een paar druppeltjes afwasmiddel, en daarbij een schuursponsje of tandenborstel. Dus de gootsteen, het fornuis, de aangekoekte tegeltjes achter het fornuis, putjes, voegen, vette vingers bij deuren of handgrepen enz. enz. Nat papperig zuiveringszout moet wel meerdere malen met schoon water afgeveegd worden anders blijft er een waasje achter.
-Het vloerkleed krijgt af en toe een opfrisser door er droog baksoda overheen te poederen, vaak strooi ik er dan ook nog wat gedroogde lavendelbloemen bij. Nachtje laten intrekken en de volgende dag opzuigen en weg suffe luchtjes. Helpt ook op de stoffen bekleding van bankstel of auto trouwens, of zweetschoenen.
-Ruikt de koelkast om een of andere mysterieuze reden (vis, stinkkaas?) bakje met zuiveringszout erin helpt dat tijdelijke ongemak te overbruggen.
-Splinters verwijderen schijnt makkelijk te gaan als je er eerst een poosje een baksoda-papje op laat intrekken. Ik spreek hier niet uit eigen ervaring maar ze zeggen dat de splinter er dan vanzelf uitkomt!

-Zeep: Meer specifiek groene zeep óf een zelfgemaakte vloeibare vorm van zachte plantaardige zeep (zoals castille of marseille zeep.) Van groene zeep heb je in de supermarkt twee variëteiten, de wat dikke lobbige geleivorm in een plastic kuipje of de vloeibare vorm in een fles. Wederom vaak op het onderste schap. Van die geleivorm kun je trouwens zelf ook een vloeibaarder vorm maken door een flinke klodder geleizeep in een lege flesvorm te duwen, voor 3/4 af te vullen met heet water en dan flink te schudden. Even wachten tot de schuim wegtrekt en klaar, dat gebruikt wat makkelijker dan de geleizeep opkloppen. Een groene zeep-sopje schuimt niet erg en niet erg lang na opkloppen. Vrees niet, ook zonder schuimlaagje werkt het prima als allesreiniger en vetoplosser.

Veelgebruikte toepassingen voor groene zeep:
-Mijn go-to allesreiniger. Ik neem er meubels nat mee af, ik dweil er de gangvloer mee, noem maar op. Het meest gebruikte product uit m'n schoonmaakkastje.
-Ik heb een eettafel van kaal hout die ik af en toe inzeep met amper aangelengde vloeibare groene zeep om het te beschermen. Goed uitsmeren, in laten trekken en licht weer afnemen met schoon water.
-Vetvlekken op kleding of vieze kragen door huidtalg smeer ik in met en beetje groene zeep voor het in de wasmachine gaat. Dat zorgt voor net wat meer lokale schoonmaak.

Of toch meer?

Ik zou liegen als ik zou zeggen dat dit m'n enige schoonmaakmiddelen zijn. Afwasmiddel en WC-reiniger koop ik bijvoorbeeld als afzonderlijke schoonmaakmiddelen (wel altijd van een ecologisch merk). Het afwasmiddel omdat ik niet een beter werkend alternatief heb, en de WC-reiniger omdat ik dat specifieke ecologische merk erg lekker vind ruiken en schoonmaken.
Ook heb ik wat flesjes etherische olie staan om soms de geur wat te kunnen bepalen. Maar grotendeels komt het hier toch wel een beetje op neer. Of nee, voor m'n massief houten eikenvloer heb ik nog steeds een dweilmiddel van de fabrikant, want dat zou de hardwaxlaag beter onderhouden. Misschien is dat onzin maar daar heb ik me nog nooit in verdiept.

Andere tips:
-Voor het schoonmaken van het kachelruitje gebruik ik wat kachel-as met een paar druppeltjes water en het zachte gedeelte van een schuursponsje. Worden ze weer mooi helder van.
-De ramen was ik met alleen water en een prop oude kranten na. (Een goede trekker scheelt veel.)
-Bestofte spiegels en glaswerk wrijf ik op met een droog speciaal geweven glasdoekje.
-Viezere spiegels (zoals die op de badkamer) spuit ik in met een mengsel van water met azijn (1:1 of in de buurt daarvan) en een klein kneepje afwasmiddel. Keukenpapiertje erover en klaar.
-Rvs wordt glanzend met olie. (Olijfolie, zonnebloemolie.. of net wat je hebt staan) Ook weer op een keukenpapiertje en uitwrijven.
-Beddengoed was ik met wasnoten op 60 graden om contactallergie te voorkomen. Ik strijk het terwijl ik er wat etherische olie van lavendel op spuit vermengd met water. De strijkbout desinfecteert het beddengoed nog meer. Kussens gaan af en toe een nachtje in een vuilniszak in de vriezer.
-Een hele vieze oven maak je schoon door eerst een bakje water met citroensap een uurtje in de hete oven te laten stomen en handwarm af te doen met een doekje. Alle viezigheid die daar nog niet mee wegkomt smeer ik in met een papje van huishoudsoda of baksoda, afhankelijk van hoe vies. Huishoudsoda laat je een dag opdrogen en schraap je daarna met een houten lepel zoveel mogelijk van de wanden voor je er met een natte doek overheen gaat. Maar de laatste tijd gebruik ik vooral baksoda. Als dat vanuit een papje is gedroogd spuit ik het in met een beetje azijn zodat het gaat bruisen en schuur ik het licht op met een schuursponsje. Daarna afspoelen.
-Snijplanken heb ik alleen van hout. Ik maak ze schoon door ze te bestrooien met grof zout en dan draaiend in te smeren met de binnenkant van een citroen. Zo laat ik het een poosje drogen in de zon buiten. Het zout, het citroenzuur en het uv-licht desinfecteert. Naspoelen met heet water en aan de lucht laten drogen.

Voor nu zijn dat zo'n beetje de tips die me te binnen schieten qua schoonmaken. Behalve misschien nog dat ik sinds dit jaar ben overgestapt op schoonmaakdoekjes van de eko-winkel. Die bevatten geen microplastics en zijn 100% composteerbaar. Toch weer nét wat groener en ze zijn veel absorberender dan die gele uit de gewone supermarkt.

Hebben jullie nog tips of aanvullingen?

zondag 6 augustus 2017

C: Tuinzeizoen augustus

Het is alweer een paar weken geleden dat hier het toegezonden augustusnummer van Tuinseizoen op de mat viel. Spannend moment want in dit nummer staat namelijk het artikel waarvoor Mirjam en ik afgelopen juni werden geïnterviewd, over déze blog welteverstaan! Hoe zou de opmaak eruit zien, hoe is het om te ervaren je eigen woorden zo gedrukt te zien staan?

Nou, héél leuk dus! En een beetje maf. Maar vooral leuk.
In nasleep van deze papieren uitgave had de redactie óók nog een onderwerp van onze blog op hun site herplaatst, namelijk over het witten van de kas uit 2014, getiteld: De kas witten met Chantal. (Origineel hier te lezen) 
Dusss.. dat was dubbel leuk!

Inmiddels zijn we wel weer volop aan de orde van de dag toegekomen. De moestuin is na een korte vakantie lekker uit de kluiten gewassen en de oogst komt nu in de vorm van aardappelen, uien, tomaten en courgettes richting huis. In gezelschap van een vers bosje dahlia's voor de vrolijkheid.
De zon-regen-zon-regen slingert alles nog eens extra aan. Drukte alom, maar in de moestuin voelt dat vaak tóch als een beetje vakantie dus er is niets om echt over te zeuren. Augustus is fantastisch!

woensdag 5 juli 2017

C: klein duurzaam cadeautje.

M'n zwager was laatst jarig. En hoewel op middelbare leeftijd de noodzaak van een te ontvangen cadeautje zienderogen afneemt en op het hart wordt gedrukt dat aanwezig zijn al cadeau genoeg is, voelt het toch vaak ook wat saai om met lege handen aan te komen zetten.
Maar iets kleins meenemen is nog niet zo makkelijk, tenminste als je wil dat het ook nog enigszins nut heeft, en iets persoonlijks, en een mate van duurzaamheid. Bovendien is het voor sommige mensen (lees: mannen) ook best lastig om überhaupt wat te verzinnen. Ik zat met een klein dilemma.

Gelukkig schoot me al redelijk snel iets te binnen waarvan ik ook nog zin had om het uit te proberen omdat het me deed denken aan de knutseltafel thuis, vroeger. M'n moeder was destijds niet zo bangig aangelegd als het om gevaarlijke dingen en kleine kinderen ging, en een van de eerste knutselherinneringen die ik kan thuisbrengen van toen was van het inbranden van versieringen in hout met een roodgloeiende naald. Om precies te zijn, een stopnaald in een oude kurk gestoken en een klein gasbrandertje ernaast om het in te verhitten. Ik zie me nog zitten in de bijkeuken. 7 of 8 jaar en super geconcentreerd vanwege de spanning. Zelf had m'n moeder daarvoor zo een houten kast versierd met allemaal puntjes als bloemetjes langs de rand die ik supermooi vond, en als ik me niet vergis heeft die kast allerlei verschillende functies gehad in de loop der tijd, waaronder nog als kledingkast in mijn kamer. (Misschien zelfs ook nog bij Mirjam op de kamer?)

Hoe dan ook, als ik nu een houten spatel zou versieren dan is dat best een nuttig duurzaam en klein cadeautje, toch? M'n zwager houdt van koken, dus dat is alvast toepasselijk. Met zo'n spatel wordt dat vast nog leuker en als het niet bevalt kan het zonder schuldgevoel de kachel in.

Dus dit werd het. Al deed ik het nu niet met een gloeiende stopnaald, maar met een goedkoop puntbrandertje van de hobbywinkel. Ik dacht, ook handig voor het maken van houten plantenlabels die niet verschieten in de zon, maar bijvoorbeeld ook te gebruiken om kurk (onderzetters?) of leer (hondenriempjes?) mee te versieren. Ik kreeg er helemaal zin in. Aankoop geaccepteerd!

Leuk om te doen hoor! En wat ik me ook weer realiseerde bij het maken: het ruikt héérlijk, dat verbrande hout. Een hele typische geur die de jeugdherinnering alleen maar intensiveerde. Ik vermoed dat dat met leer toch iets anders zal zijn, haha.
Voorlopig heb ik alvast weer wat kale houten lepels bijgekocht voor het geval dat ik ergens anders met een zelf gemaakt, maar klein cadeautje aan wil komen zetten. Of voor mezelf uiteraard. Laat ik vooral mezelf niet vergeten!

maandag 3 juli 2017

C: De Poets in de praktijk.

Er is een plan, er is een overzicht en er is actie. Drie weken geleden begonnen aan de "Grote Groene Zomer Poets". In tegenstelling tot de traditionele voorjaarsschoonmaak, die meestal in een weekje werd geklaard, mag ik van mezelf deze zelfverzonnen Zomerpoets over de heeele zomerperiode uittrekken. Voor m'n eigen bestwil overigens, want ook vrije dagen en vakantiegevoel moeten mogelijk blijven. Het is volgens veel mensen een rare keuze om het nu te doen, juist in de zomer, zo zonde van de tijd... Die instelling heeft mij er ook jaren van weerhouden, maar in voor, winter -en najaar heb ik het veel drukker, dan komt er helemáál niets van terecht om er gestructureerd in te duiken.

Er zitten echter twee nadelen aan deze Zomerpoets. Ten eerste dat je door de langere periode van uitvoering de moed er moet in zien te houden. Er zijn gaandeweg onderbrekingen en afleidingen uiteraard. Gelúkkig zijn er onderbrekingen, moet ik ook zeggen, maar het gevaar dreigt wel dat je daarna niet zo makkelijk de draad weer oppakt als je niet uitkijkt. Van alle kanten krijg ik ook enigszins demotiverende opmerkingen te horen. Werkelijk niemand die zegt, Goh meid, wat héérlijk zo'n schoonmaak, goed idee! Nee, eerder word ik op z'n minst een beetje dubieus aangekeken, alsof de truttige bekrompenheid van me af druipt. "Jij liever dan ik", denken ze meestal hardop.

Nu dat ik zo'n drie weken op weg ben, waarvan er 6 volle schoonmaakdagen zijn geweest, heb ik er veel over nagedacht. Waarom is iedereen eigenlijk in het algemeen zo negatief over schoonmaken of huishouden? Omdat het inmiddels als dom onbetaald werk is bestempeld? Zonde om daar je kostbare tijd aan te spenderen? Typisch vrouwenwerk?
Confronteert al het opruimen mensen misschien teveel met hun verzamelde rommel en overconsumptie? Of zien we niet dat lui voor de tv hangen eigenlijk ook zonde is van onze kostbare tijd? Draagt poetsen niet bij aan ons opgepoetste mega-interessante imago? Is er geen waardebepaling tussen lekker laks zijn aan de ene kant (goed) en een poetsstoornis hebben aan de andere (fout)?
Ik weet het eigenlijk niet, ik weet alleen dat nu ik een poosje bezig ben en de klusjes van mijn Grote Poets-Lijst voor een redelijk hap al zijn afgestreept, ik enorm geniet van de plekken in huis die al wel onder handen zijn genomen. Die geven lucht en rust.

Dat brengt me wel tot nadeel nummer twee.
De plekken die inmiddels al wel zijn gedaan moeten vanaf nu natuurlijk ook worden bijgehouden, wil ik het ten minste een beetje lopende krijgen en niet weer alles opsparen tot de volgende Grote Zomer Poets. Dus het is zo dat daar een paar dingen tussen zitten die je er gewoon bij moet gaan doen, alwéér. Náást de dingen van de Grote Poets. Dingen die je dus niet opnieuw kunt afstrepen van de lijst helaas, wat toch een beetje voelt alsof ze het einde van die lijst dus vertragen. De traditionele Voorjaarsschoonmaak de week voor Pasen had daar geen last van. Dat was flink doorbikkelen en daarna pas bijhouden. Niet én én. Het maakt het iets zwaarder.

Om het voor mezelf doenbaar te houden, is de lijst op het toilet een groot houvast. Het geeft overzicht en inzicht. Het afstrepen werkt heel motiverend. De flexibiliteit óók trouwens. Ik kan doen waar ik het minst hekel aan heb of wat het beste in de beschikbare tijd past, op dat moment. Het maakt niet uit wát ik doe, als het maar op de lijst staat. Het best werkt als ik meteen 's ochtends start. Eerst honden uitlaten, ontbijten en dan aan de slag. Kleine of grote klus, het begin is dan gemaakt en vaak is alleen het begin genoeg om een hele of halve dag door te gaan.

Wat óók werkt is als ik de klus waar ik mee bezig ben anders bekijk. Als ik de keuken schoonmaak doe ik alsof het de keuken is van een toprestaurant. Uiteraard moet die goed schoon zijn, dûh! De badkamer wordt dan een openbare sauna, de slaapkamer een hotelkamer, de woonkamer een lounge-plek van een hip café etc. etc. Voelt minder truttig en meer noodzakelijk. Het is bedrog, maar het werkt wel! Voor mij althans.

Verder staan er doosjes klaar. Bij het opruimen worden spullen meteen gesorteerd. Wat kan naar de kringloop, wat mag weggegeven worden, wat moet gerepareerd? Doosjes voor de kringloop breng ik ook snel weg trouwens, liefst dezelfde dag nog. Dan voelt het niet zo massaal en blijft het niet in de weg staan. Bij dat uitsorteren hou ik enigszins het principe van Marie Kondo aan. Wie kent haar niet? Is een ding nuttig of geeft het je een geluksgevoel, dan mag het blijven. Staat het er uit plichtsbesef of in de weg te niksen dan is het exit. Sindsdien kan ik een stuk beter afstand doen van spullen die ik misschien ooit (nooit) kan gebruiken of spullen die ik gekregen heb maar nooit zelf zou hebben gekocht. Maar verder vind ik haar methode te drastisch. Ik kan echt met veel interesse kijken naar minimalisten of tiny house-bewoners, maar het zijn volgens mij nooit erg creatieve mensen in de zin dat ze van het soort zijn dat dingen máákt of veel hobby's heeft. (Eerder werkzaam in virtuele werelden of veel reizen.) Ik hou van een  huis met een roerige ziel, een nest waarin je ziet dat er gewerkt en geleefd wordt en niet zo direct in een catalogus kan. Rommel is niet per definitie troep in mijn beleving. Leegte is niet per definitie rust.

Ik hou me steeds maar voor dat deze Grote Groene Schoonmaak een cadeautje is aan mezelf, voor straks. Dat m'n huis een klein bedrijfje is wat ik aan het stroomlijnen ben, dat dit poetsen geen afbreuk doet aan m'n enorme hippe, zelfstandige, culturele en creatieve zelf, maar eerder een ode aan m'n veelzijdig- en zelfredzaamheid. Zo!

Hoe dat Groene nu precies in de praktijk gaat zal ik een volgende keer uitleggen. Is eigenlijk bizar eenvoudig en doeltreffend. En goedkoop ook nog. En gezonder. Waarom niet iedereen het zo doet is me een raadsel.